Van veenarbeider tot voorzanger


Rein Wiegers Ruiter was rond 1800 met zijn vader meeverhuisd van Wetering naar Tjalleberd, trouwde daar met Trijntje Johannes Jager, en kreeg acht kinderen, waaronder mijn over-overgrootvader Hendrik.
Maar de eerstgeborene, een zoon die Wieger heette, is nooit getrouwd geweest. Daarom weten we ook heel weinig van hem, omdat hij immers nooit kinderen heeft aangegeven bij de Burgerlijke Stand. Hij wordt enkel genoemd op 24 augustus 1872 bij het overlijden van een bekende van hem - hij woonde toen in Gersloot. Volgens het Bevolkingsregister was Wieger in 1872 inwonend bij zijn broer Hendrik, en verhuisde met hem op 20 april 1876 naar Terwispel.
Daar is hij in 1878 overleden.
Overigens : bij Terwispel mogen we gerust aannemen dat het hier gaat om het latere dorp Tijnje. Tijnje is pas sinds 1910 zelfstandig van het moederdorp Terwispel en de vervening hier was een vervolg op de aflopende verveningen rond Tjalleberd en Gersloot.
Zoals bijna alle mannen (en heel veel vrouwen overigens..) in deze omgeving zal hij zijn werkzame leven ook in de turf hebben doorgebracht. Het ligt ook voor de hand dat hij als eerstgeborene in de voetsporen van zijn vader is getreden.

Van Ali Douma kreeg ik enige tijd geleden nog aanvullende informatie, die zij was tegengekomen in het boek van Dr. J. Wesseling : De afscheiding van 1834 in Groningerland deel I..

Zij schrijft :
In 1841 kwam er een nieuw kerkgebouw in Leens voor de Afgescheidenen, een ruim gebouw in de gedaante van een boerenschuur staande aan De Valge, maar zonder toren of orgel. In 1842 kwam er ook een nieuwe predikant voor deze gemeente: ds. H.J. Wind. Hij was boer in Rottum, ouderling en oefenaar in Friesland. Deze naam komen we ook tegen in Tjalleberd, waar hij samen met de vader van Wieger, Rein Wiegers Ruiter, in 1836 beboet werd voor het houden van een godsdienst-oefening in het huis van Rein Wiegers Ruiter.
Nu was er in Leens een timmerman aangesteld als voorzanger in de kerk, maar de dominee vond dat het er met het zingen tijdens de dienst maar onstichtelijk aan toeging. Hij wist in Tjalleberd wel iemand die het zingen goed meester was, nl. ene Wieger Reins Ruiter!
De kerkeraad benoemde hem tot voorzanger van 1 maart 1843 tot 1 maart 1844 voor een loon van fl.17.50. Voor dat geld moest hij ook de kerk schoonhouden en de kaarsen aansteken!

Gezien de afstand Gersloot – Leens mogen we wel aannemen dat Wieger gedurende dat jaar in het Groningse Leens heeft gewoond.
Deze prachtige foto toont Leens, met prominent de Petruskerk, uit de 12e eeuw.
De toren is vernieuwd in 1863, dus Wieger moet de oude zadeldaktoren nog hebben zien staan.


Opmerkingen? Foutje gevonden?   Opmerkingen?
Meld het via het reactieformulier!