De oorkonde van Gerardus Ruter
Betreft: Gerardus Ruter
Akte: De oorkonde van Gerardus ..
Artikel: Het goed Gybbeconck
RUITERS in beeld:
Gerard bij de schout, 1345
Akte: De oorkonde van Gerardus ..
Artikel: Het goed Gybbeconck
RUITERS in beeld:
Gerard bij de schout, 1345
Gerardus Ruter wordt op 29 september 1345 genoemd in een oorkonde van de Zutphense schepenbank. De middeleeuwse oorkonde was lange tijd onleesbaar (voor mij), maar ik heb nu - met hulp van ChatGPT - de akte vertaald, en opnieuw beoordeeld. Er kwamen enkele interessante aspecten aan het licht.
Betekenis
In de oorkonde van 1345 verklaart Gerardus Ruter vrijwillig afstand te doen van al zijn rechten op het goed Gybbeconck in de buurschap Leesten (Warnsveld). De noodzaak van een afzonderlijke, bezegelde oorkonde wijst erop dat zijn aanspraken juridisch erkend werden en van voldoende gewicht waren om de eigendomstitel van het goed te beïnvloeden. Gerardus behoorde daarmee waarschijnlijk tot de vrije grondbezittende bovenlaag van het graafschap Zutphen.De oorkonde komt uit het archief van het vrouwenconvent Isendoorn. In datzelfde archief is ook de voorgaande oorkonde uit 1343 bewaard gebleven. Daarin wordt vastgelegd dat het goed Gybbeconck, gelegen in de parochie Wernesfelt (Warnsveld), verkocht wordt aan Fredericus Steynbicker. Twee jaar later volgt dan de oorkonde waarin Gerardus afstand doet van zijn aanspraken op dit goed. Kennelijk wilde Fredericus Steynbicker hiermee zekerheid verkrijgen over zijn eigendomsrechten en de opbrengsten van het goed, en mogelijke latere aanspraken voorkomen.
Gerardus doet afstand van ieder recht en van iedere aanspraak op het goed. Dat hoeft niet alleen het eigendom zijn, maar bv ook:
- vruchtgebruik: het recht de opbrengst of het gebruik van Gybbeconck te genieten, zonder eigenaar te zijn;
- erfrecht: als erfgenaam een aanspraak hebben;
- mede-eigendom of ander zakelijk recht;
- leenrecht of een ander gebruiks-/bezitsrecht;
- een vordering tegenover de eigenaar.
Met deze oorkonde doet Gerardus vrijwillig afstand van alle rechten en aanspraken die hij op het goed Gybbeconck kon doen gelden, uit welke rechtsgrond of oorzaak dan ook. Het is heel goed mogelijk dat hij 'als wederdienst' gecompenseerd werd, misschien met geld.
Opmerkelijk is ook nog dat Gerardus Ruter waarschijnlijk binnen de Zutphense stedelijke gemeenschap voldoende bekend was zodat verdere identificatie, zoals bv. 'Gerardus Ruter van Kampen', niet nodig was. Dat maakt zijn positie als mogelijke voorloper van de latere Zutphense Ruters bepaald aannemelijker.
Zeker is in ieder geval dat Gerardus de oudst met een eigentijdse bron aangetoonde drager van de naam Ruter in het graafschap Zutphen is.
Bronnen

Jaap Ruiter
24 augustus 2026
vorige