De Bazuin en Oberon


betreft: Jaap Ruiter
 
Freerk Smit was in de oorlog ondergedoken in Muggenbeet, Eind van Diep en Wetering en schreef zijn herinneringen op papier in  "Dankzij Oberon".
In dit boek komt ook mijn verre achterneef en naamgenoot Jaap Ruiter voor.


Jaap, de slager van de Wetering én het Eind van Diep; ik had hem al leren kennen toen hij bij de jongens op de wal kwam een kalf - een stierkalf - slachter; dan bleek prima vlees te zijn omdat ze em een tijdlang aan de volle melk hadden gezet; Jaap kende het vak van slager volgens de jongens en dat was hem ook wel aan te zien.

Klik op foto voor groter formaat
Maar Jaap was meer dan alleen slager; hij was ook afslager; als er een boelgoed was op de streek, was Jaap van de partij; en een boelgoed kwam er in mijn tijd; in het oude café van Oarend; toen ik er was zat Abbe erin. Het was min of meer tegen de ongeschreven wet dat een boelgoed in een café werd gehouden - meestal vond die ter plekke plaats waar de betrokkene woonde of had gewoond - maar dit keer was het zeker iets bijzonders; van wie het was weet ik niet meer, maar wat me is bijgebleven is, dat al vroeg in de morgen de roeibootjes naar het café werden geroeid en boot aan boot werden aangelegd bij Abbe; en daar was ook Jaap; ik zie hem nog staan op een stoel vóór de deuropening : een te veilen stuk omhoog houdend; eenmaal... andermaal... verkocht!
Jaap, later m'n zwager geworden, had in de samenleving meerdere functies; zo was hij één van de oprichters en eerste voorzitter van de Christelijke muziekvereniging "De Bazuin"; dat was in 1920; op zich wellicht niet zo interessant genoeg om dit hier te vermelden, ware het niet dat deze muziekvereninging mooie beelden bij mij heeft vastgezet over een stukje oude folklore later op de Wetering.
Autochtonen van Wetering, Muggenbeet en Eind van Diep die de 90 jaar haalden konden levenslang rekenen op een muzikale hulde door "De Bazuin", op hun verjaardag; en één van deze gelukkigen was mijn latere schoonvader; 11 december was hij jarig; en 11 december kwamen ze bij Roelf, "De Bazuin"; weer of geen weer; als het vroor - en dat kwam op die tijd van het jaar nog wel eens voor - dan konden ze buiten niet spelen vanwege de ijsafzetting op de instrumenten, en dan kwamen ze binnen; int 'sommerhuus; vader mocht zeggen wat er gespeeld zou worden en dan werd er gebloazn! Ik zie nog Hendrik Oostenbrink met de grote bombardon, rood en blauw aangelopen, tegen een deurpost leunen; vader in de deuropening van de kamer, genietend en een beetje op de maat meestampend; na afloop van de muzikale hulde kwam iedereen de jarige feliciteren; de voorzitter kreeg van hem een enveloppe met inhoud voor het instrumentenfonds; menig jaartje mocht zijn verjaardag nog worden gevierd; met als hoogtepunt dit stukje Weteringse folklore, dat voor ons voorbij is, maar dat niemand on meer kan afnemen!






Opmerkingen? Foutje gevonden?   Opmerkingen?
Meld het via het reactieformulier!