Trekken met de bak


Het werken met de mengbak ging ongeveer op dezelfde manier maar werd wel minder betaald. Waarom is niet helemaal duidelijk. Het was wel iets minder omslachtig, en het werd minder hoog ingeschat. Dit soort misstanden kwam wel meer voor. Oudere mensen kregen bijv. sowieso minder per roede. Als ze dan ook nog minder roedes máákten, werkte het dubbelop.
De bak stond tegen de trek op de wal. De spitter gooide een paar kluiten in de bak en de menger trapte dit tot brij. De menger was ook degene die de bak weer leegschepte. De spitter deed alleen het spitwerk.
Als de specie over de hele breedte van de bak op peil was werd de bak vooruitgeschoven naar een nieuw stuk en werd het leeggebleven stuk allereerst op hoogte gebracht.





De spitter staat bij 1, de menger bij 2. Op de bovenste tekening gooit de menger het laatste uit de bak naar de zijkant, zie rode pijl.
De bak wordt dan verplaatst, zie onderste tekening, en de menger zal nu eerst het leeggelaten stuk opvullen.


Een plaatje van 'de bak in aktie' : we zien de spitter met behulp van de graversschep de brokken klijn in de bak deponeren. De menger gooit ondertussen de fijngetrapte kluiten met behulp van de jutte uit de bak. Let ook op het hoogteverschil tussen het nog niet verveende land en het trekgat.

Belangrijk is dat bij het trekken met de bak de breedte van de trek in overeenstemming was met de breedte van het paand. Men moest voldoende klijn hebben om een paand van een roede breed en zo'n 40 cm. hoog te krijgen.
Bij het trekken met de bok kon de klijn naar willekeur worden afgegraven omdat de specie toch elders gestort werd.






Opmerkingen? Foutje gevonden?   Opmerkingen?
Meld het via het reactieformulier!